Van tourleider in verre oorden tot thuiszitter. Maria reisde 83 landen af, verhuisde 27 keer en leidde groepen door Zuidoost-Azië en Latijns-Amerika. Tien jaar geleden begon de neergang. Nu ziet ze bijna niemand meer en voelt zich verlaten.

 

Maria zit in haar huiskamer, omringd door spullen uit Indonesië, Irak, Colombia, Zuid-Afrika. Tapijten. Poppen. Beelden. Kleding. Herinneringen. Maar ze kan de landen niet meer bezoeken. Ze kan de deur niet meer uit.

 

“Ik ben een reisverslaafde,” zegt ze. Dat was ze. Nu is ze aan huis gebonden door twee dingen die op het verkeerde moment gebeurden: chronische neuropathie aan beide voeten door de ziekte van Lyme en vier gebroken rugwervels na een busongeval. 

 

“Sinds 2017 wordt het alleen maar erger,” zegt Maria. De pijn, het brandende gevoel in haar voeten ’s nachts, het onvermogen om schoenen aan te trekken. “Ik kan geen sokken en schoenen meer aan.”

Van clubs tot verlaten zijn

Tot 2017 was Maria actief. In verschillende clubs. De tuinclub waar ze veertig jaar lid was. De bridgeclub. En een filosofie groep. 

 

Toen kon ze niet meer lopen. De clubs gingen door zonder haar.

 

“Ik zie niemand van die clubs meer” zegt Maria. “Ze appten nog weleens ‘wat jammer dat je niet meekomt’ maar niemand zegt: “Zal ik je even opzoeken?” “Ik ken sommige van die mensen al dertig jaar, maar ik spreek ze nu helemaal niet meer.” 

 

De etentjes, georganiseerd door vrijwilligers, zijn langzaam gestopt. De vrijwilligers wisselden. Mails zonder antwoord. “Ik heb al twee maanden niets gehoord,” zegt Maria.

 

De thuiszorg komt één keer per dag om haar te douchen, aan te kleden en voor de wondverzorging aan haar benen. Dat zijn professionals met weinig tijd. “Ze kijken op de minuten,” zegt Maria. “Als een wondverzorging acht minuten langer duurt, moet daar toestemming voor gevraagd worden.”

Wat rest: een kat en BBC

Maria’s dagen zijn allemaal hetzelfde. Ze leest veel. Ze kijkt naar BBC-programma’s: Bargain Hunt, tuinprogramma’s, kunstprogramma’s. Ze heeft een kat die ’s nachts wakker is. “Ze slaapt overdag,” zegt Maria. “En ’s nachts wil ze op schoot zitten.” Tot acht uur ’s ochtends. Dan krijgt ze eten en gaat ze slapen. “Met die kat kan ik praten.”

 

Maria’s vriendschappen zijn lang, vijftig jaar. Maar ze ziet haar vriendinnen bijna niet. Eens in de drie maanden. Ze wonen dan ook ver weg. Met haar 91 jaar is Maria bij de tijd. Ze appt en mailt veel met haar vriendinnen.

 

“Er zijn weinig mensen die weten hoe ik mij voel.” zegt Maria. “Ik praat daar ook liever niet over, niemand kan iets aan de pijn doen.” “En dan praat ik ze misschien nog een schuldgevoel aan, dat is niet de bedoeling.”

 

Ze doet zich sterker voor dan ze is.

Verhalen om te delen

Maria mist vooral de filosofie groep. Waarbij ze met vijf mensen samen kwamen, teksten lazen en daarover discussieerden. Die groep viel uit elkaar door de corona crisis en is nooit heropgestart. “Zo’n groepje opnieuw over de vloer krijgen zou leuk zijn,” zegt Maria voorzichtig. 

 

“Juist met mensen die geïnteresseerd zijn in de rest van de wereld ervaar ik het fijnste contact. Ik kan ervaringen en verhalen delen van over de hele wereld. Die wil ik graag vertellen.”

 

Dat is alles wat ze vraagt. Niet meer reizen. Niet meer clubs. 

Maria zit in een prachtig huis vol herinneringen van over de hele wereld. Niemand die zegt: Ik kom even langs. Ze wil geen medelijden, geen hulp, maar gewoon iemand die aan haar vraagt: “Waar ben je allemaal geweest?”